Donkere dagen

Bij het openen van de gordijnen werd het binnen amper lichter zodat ik maar van ermoei een lampje aanstak — uiterst zuinig led-lichtje uiteraard. Ik werd er zelf niet vrolijker van vooral niet omdat ik toch echt naar buiten moest, ondanks miezer en harde wind.
Het viel natuurlijk wel mee en op de terugweg bij de Dommel even staan kijken naar de ombouw van de Technische Dienst tot luxueuze appartementen.
Daar zijn ze al jaren mee bezig maar het ziet er nu naar uit dat met een klein jaartje de rust weerkeert op dit anders zo stille plein, het Frederik van Eedenplein. Zo genoemd omdat vlakbij het voormalige landhuis ‘Het Paradijs’ heeft gestaan waarvan het koetshuis het langst stand heeft weten te houden tegen de vooruitgang.
Maar uiteindelijk ging dat ook plat en waarom, geen hond die het weet want de plaats waar het stond is tot op heden onbebouwd.
Ja, je loopt wat af te ‘prakkezeren’ in de striemende miezer die ik tegen had, maar ben je thuis voor je er erg in hebt en thuis daar is… nee geen koffie maar soep.

PS In het kader van de beste camera is de camera die je bij je hebt sta ik wederom paf van wat ik uit een kiekje gemaakt met de aaiFoon kan halen met Affinity Photo. En die aaiFoon is ook nog eens zwaar antiek.

Zoek de verschillen

Onder de goede inzenders wordt een zo goed als splinternieuw houten been verloot ter waarde van twee dagreizen heen en weer eerste klas.
Aan de uitslag kunnen geen rechten ontleend worden en medewerkers van het reclamebureau zijn uitgesloten van deelname.

Komt allemaal door Charles Aznavour

Gaat ie toch nog dood en hij was zo mooi op weg om altijd te blijven leven en van mij mocht ie als ie maar niet ging zingen waar ik bij was.
Afijn door die franse Frankie Sinastra of eigenlijk andersom moest ik weer aan de Poort van Kleef en andere fameuze kroegen van toen denken en dan ga ik in ouwe foto’s zitten rommelen en dan is het bedtijd voor ik er erg in heb.
Links is Frans Babylon dat was een dichter, daar gooide je een pils in en dan kwam er een poem uit. Maar nou doe ik hem tekort. En rechts de beroemde Piet van café Olympiade, beter bekend als café Piet en Cis. Die gooide zich zelf wel vol en iedereen die hem niet aanstond z’n kroeg uit. Nou was dat niet erg, want je liep gewoon om en ging via de achterdeur weer naar binnen en gewoon door met waar je mee bezig was: zwetsen, roken en zuipen.

Het was lekker koud vannacht

Amper vier graden op het vliegmachineveld en dat betekent dat het aan de grond niet ver van het vriespunt was.
Gelukkig lag ik in m’n warme bedje en niet onder de tarp vlak naast die sloot.
Die  sloot is eigenlijk een stroompje, maar volledig door mensenhanden gegraven en ik vind dat dat niet klopt want een beek of stroom zoekt helemaal zelf zijn weg en ziet wel waar het schip strandt.
Na de meer dan overvloedige regen overdag en de merendeels heldere nacht kun je er vergif op innemen dat de tarp volledig bedauwd is bij het aanbreken van de dag en dat er dikke druppels tergend traag op m’n slaapdeken vallen.
Maar zoals ik al zei lag ik veilig thuis of zou ik soms heimwee hebben naar dat heerlijke afzien in de buitenlucht, meestal in een nabij en steeds verder ver buitenland.

Professor Longhair op herhaling

Omdat het een leuk muziekske is en een buitengewoon spannend vidiootje en om te laten zien dat een filmpje plaatsen nu een fluitje van een cent is en omdat ik… afijn bekijk het maar.

Nulli cedo

Zoals al ooit eerder gememoreerd hadden wij deze spreuk op onze baret staan tijdens de eerste twee maanden van de dienstplichten en betekent: Ik wijk voor niemand.
Daar moest ik vast aan denken toen ik in Praag deze foto maakte, want zolang was ik toen nog niet uit dienst en Nel kende ik maar al te goed ondertussen.

Proost mevrouw

Het was op een hoek van het Wenceslausplein dacht ik. Voorin marmeren staantafeltjes waar hele- en enkele halveliterpullen in hoog tempo werden aan- en afgevoerd. Dieper de zaak in kon je ook eten en zitten. Een gezellige tent met tl-verlichting en met zonder muziek. Iedereen, jong en oud en van elke rang en stand kwam er eentje vatten.
Ook de agent die het verkeer in de gaten hield en zonodig regelde kwam even binnen, veel te regelen was er toen toch niet. Ik mocht er graag ook even binnenkijken.
Op Google maps gezocht maar op die plaats is nu alleen een Mc Donalds te vinden. Zucht.

Praag 1968

Ineens schoot me te binnen dat het deze maand vijftig jaar geleden is dat er een abrupt einde aan de Praagse lente kwam door de inval van de troepen van het Warschau Pact. Twee weken daarvoor was ik in Praag met mijn ex, die toen nog niet ex was.
Het was inderdaad zeer ontspannen in Praag, hoewel de dagelijkse praktijk van het starre communisme nog volop aanwezig was vooral in staatswinkels.
Natuurlijk waren er hippies net als wij en al snel hadden we contact met een paar studenten die ons wegwijs maakten in het bruisende uitgaansleven en pils is uitgevonden in Tsjechië, dus schep op die pap. Niemand hield het voor mogelijk dat de Rus roet in het eten zou strooien, maar de afloop is bekend.
Merkwaardig dat er in de media met geen woord over gerept is.

Oude Klaas

Toen ik jong was had je geen televisie, geen internet dus ook nergens wifi en al helemaal geen computers en slimme telefoons. Ergens ver weg gestopt in laboratoria stonden weliswaar enorme bakbeesten, zo groot als een hele straat in een achterstandswijk, die ze computers noemden en sommige bevoorrechte mensen hadden een televisieontvanger waar savonds een paar uurtjes beeld en geluid uitkwam, uitgezonden door één enkele zender.
Maar ik taalde niet naar dat soort dingen want ik las boeken, veel boeken, heel veel boeken en met heel veel plezier. In de grote vakantie fietste ik minstens drie keer per week naar de bibliotheek om de gelezen boeken om te ruilen voor ongelezen exemplaren, steevast mopperend dat die ongelezen boeken zo dun waren. Op een paar nieuwere boeken na zoals de Bob Evers-serie, Pim Pandoer, Arendsoog en later De Kameleon, was de rest van voor de oorlog, vaak ver voor de oorlog zoals Karl May, Jules Verne en natuurlijk onze nationale helden Dik Trom en Pietje Bell.
Ik las het allemaal en met enorm veel plezier en in een van die boeken over de avonturen van een Nederlandsche jongen met een hart van goud komt de oude Klaas voor. De oude Klaas had voor moeder een paar klusjes opgeknapt en als dank mocht hij in de bijkeuken op een oude stoel plaatsnemen — na uiteraard eerst zijn klompen te hebben uitgetrokken — en kreeg van moeder een kop koffie!
Waarom heb ik dat onthouden, want van de rest van dat boek weet ik helemaal niks meer, geen titel of waar het over ging. Nee de reden is dat er stond: ‘De oude Klaas liet zich de koffie goed smaken.’ Dat klonk alsof hij een overheerlijke godendrank had genuttigd en nog steeds, als de koffie mij smorgens buitengewoon goed smaakt, roep ik blij en tevreden: ‘Echte ouweKlaaskoffie!’

Het vermoeden van vaag

Hoewel de lucht nog steeds strakblauw is met slechts hier en daar een witte veeg en het licht hard en duidelijk alle details van dit frivole bestaan onthult is een bezoek aan het enigszins verwaarloosde kerkhof van Sint Lambertus voldoende om het vermoeden van vaag te voelen tot in alle vezels van dit sleetse stoffelijke omhulsel dat al zolang wanhopig meegetorst wordt. Kom daar tegenwoordig nog maar eens om.