Zitten is het nieuwe roken

Jazeker, doorgeleerde deskundigen hebben dat onderzocht en akkoord bevonden. Staan moeten we, thuis, op het werk en uiteraard onderweg. Fietsers staan voortaan op de trappers, bejaarden staan in de bus want dat ruimt lekker op en automobilisten staan natuurlijk in de file.
Ik dacht even dat het meest idiote en irritante constante geleuter van het afgelopen jaar gekaapt zou worden door genderneutraal omdat bakfietsvaders nu ook van die strakke au-m’n-kloten-broeken dragen en onhandige gezichtsbelemmerende sjaals om de nek knopen, maar dat is maar een klein groepje groen-links-stemmers.
Nee hoor niks genderneutraal tijdens de feestelijkheden op de televisie, de heren strak in het pak en de dames in glitter met decolletés tot de navel.
Zolang de weervrouw nog op torenhoge stilettohakken staat en de weerman op comfortabele instappers, kan genderneutraal nog wel even in de kast blijven.

Hier komt mijn meel vandaan

De Genneper Molen in vol bedrijf en behalve het stromende water en het spetteren van de schoepen hoor je niks. Ook binnen is alleen het gekreun van houten balken en het vage diepe gerommel te horen van de maalstenen die hun zegenrijke werk doen.
Maar het is natuurlijk geen vooruitgang zo’n watermolen die ook nog eens gratis aangedreven wordt want de vooruitgang gaat gepaard met prijsverhogingen en herrie, vooral teringherrie zoals van bosmaaiers en bladblazers die de nederige zeis en de hark van vroeger hebben vervangen.

De Hoop op de Walvis

Ik las ooit ergens lang geleden, in een gedrukt boek uiteraard, over een deftig Redershuis ergens in Holland of Zeeland, dat de ‘Hoop op de Walvis’ heette.
Op het internet vind ik nu alleen een restaurant ‘De Hoop op de Swarte Walvis’ dat stamt uit de negentiende eeuw en ligt in de Zaanstreek. Dat bedoel ik dus niet.
Daar moest ik aan denken toen ik gisteren het leefnet van deze ouwe vissende gek zag. Grote genade, een walvis is misschien wat overdreven maar in de Dommel zwemmen geen steuren of meervallen, maar misschien waren zijn ogen groter dan zijn maag.
Die roestige plaat ijzer stelt dus Vincent van Gogh voor die de Genneper watermolen geschilderd heeft… zeggen ze. Die molen zie je hier niet maar ligt links net buiten beeld maar dat weet u onderhand wel.

Wintertijd

Volgens de deskundigen, echte deskundigen die er voor geleerd hebben en dus geen zelfverklaarde, is het een wereldwonder dat wij allen na zo’n 40 jaar zomertijd nog in leven zijn.  Na al die hart- en vaatziekten, psychische problemen, ritmestoornissen en totaal verscheurde en ontwrichte biologische klokken.
U hebt het allemaal uitentreuren kunnen horen en lezen als u al niet bij voorbaat zacht snikkend had gemompeld: ‘Geef deze drinkbeker maar aan Maarten.’
Afijn, het was lekker koud en het woei gemeen uit het noordoosten. In het tunneltje loeide een straffe wind die dorre blaadjes en beloften van ijzige tijden die zouden komen met zich meevoerde. De palen in de Dommel waren inmiddels opgevuld met rotzooi zodat onze levensader weer kan gaan kronkelen dat het een lieve lust is.
En nu zit ik lekker warm thuis en heb net een brood gebakken en een knotsoefening gedaan zodat de wintertijd voor mij niet meeer kapot kan.

Ik maak me zorgen

Freddy Quin ook maar die uitte zijn zorgen zingend en in het Duits en zingen doe ik alleen als ik zeker weet dat er mijlen in de omtrek niemand is die me kan horen.
Maar dit terzijde.
Ik maak me zorgen omdat het niet klopt wat de natuur te voorschijn tovert. Nog nooit is de Robinia zo vroeg geel aan het worden en met blaadjes aan het smijten als nu. En sommige struiken zijn al kaal zonder dat er ook maar een zweem van verkleuring te zien is geweest en dat komt niet door de zwarte-piet-discussie maar door de aanhoudende droogte.
Ik hou m’n hart vast voor als de platanen en eiken aan de beurt zijn.

De vrijdagse kringloop

Ik kon gewoon doorlopen want de hekken waren weg en de straat grotendeels bestraat, alleen aan de kant waar met bobbelstenen een soort parkeerhavens werden gecreëerd was nog niet alles klaar.
De herfstkleuren werden nog onder de pet gehouden, want zoals ik al zei de nachten zijn te warm, maar er is nog tijd zat. Even zo vrolijk was het genoegelijk kuieren en de de palen in de meanders waren al geslagen maar van de boomstronken nog geen spoor. Blijkbaar zijn er twee aparte ploegen en terwijl ik dat allemaal stond te bekijken en te kieken kwam er plots een dame in een kano voorbijfietsen.

Een nazomer vol zon en schijn

Ik had bij de apotheek — alweer? Ja alweer — een voorstel gedaan om mijn bezoeken aan de vierentwintig-op-zevenautomaat tot een minimum te beperken en tot mijn verbazing werd er onmiddellijk instemmend geknikt.
En werkt het, nee dus en zodoende liep ik vanmiddag weer eens vrolijk fluitend door het park naar huis en zag dat de lantarenpalen nog schever stonden en dat her en der verstrooid over het gras lieden zich koesterden in de misschien wel laatste zonnestralen — we zijn ook niet erg verwend natuurlijk de afgelopen zomer.
Net als de dakloze stoepdame gisteren die zich niet alleen voorzien had van een krant maar ook een volle pot thee. Dat vond ik vreemd, want waar bereidt een dakloze een verkwikkende drank of zou ze een complete inventaris meesjouwen in een winkelwagentje? Maar geen spoor daarvan, hoe ik ook speurend rondkeek.
En toen stond ze op, pakte haar boeltje bij elkaar en verdween in een riant hoekhuis met voor- en achtertuin. Nou moe.

Nieuw bord ouwe koek

Dit zocht ik op de site van waterschap De Dommel, maar erg veel wijzer werd ik er niet van want er stond precies hetzelfde als op het bord, niets meer en niets minder.
Nou maakt dat niet uit want ik wist precies wat het plan inhield omdat er enkele jaren geleden soortgelijke constructies in de Tongelreep waren geplaatst.
En uiteraard had ik daar foto’s van en even uiteraard kon ik die — als gekend structopaat — gemakkelijk vinden.
Hadden ze die dingen niet kunnen plaatsen toen ze een paar jaar geleden de Dommel helemaal hebben schoon gemaakt en heringericht? Nee, want niet werk krijgen maar werk houden is de kunst.