Een flinke onweersbui was afdoende

In het kader van Kunst op de Dommel stonden bij het nieuwe bankje vier luidsprekers in het water en die anticipeerden op de wind en de golven. Althans volgens het bijbehorend bord en dat beloofde welriekende melodieën maar meer dan een luid en uitermate irritant gebrom kwam er niet uit.
Vanmiddag na mijn omloop die ik voor de verandering eens een keer rechtsom gelopen had kwam ik bij de tweede blingbrug weer langs die herriedozen en bleef plots verrast staan, hand achter de oorschelp en… ik hoorde niks, alleen het gezang van vogels en het rustgevend gekabbel van water.
‘Eén onweersbui en alles ligt plat!’ klonk het tevreden vanaf het bankje. Een leeftijdgenoot met een hondje zat behaaglijk onderuit gezakt van de stilte te genieten.
‘Het kan mij niet stil genoeg zijn.’ vervolgde hij en ik knikte en nam met een zucht van voldoening plaats.
Een ouder echtpaar naderde en wilde na een korte groet doorlopen maar bleef plots stokstijf staan.
‘Looft den Heer want die krengen doen het niet meer!’ riep de man uit, zijn vrouw knikte en ze kwamen er opgelucht bijzitten.
‘Het bord beloofde anders prachtige muziek’ zei ik.
‘Ja, bij dat waterrad op die dure aluminium stellage vertelde een van de opbouwers dat het ding het Wilhelmus zou spelen, maar alles wat ik gehoord heb, geen Wilhelmus’
‘Ik vind alles best als ze maar niet gaan rappen’
zei zijn vrouw die tot dan toe haar mond had gehouden.
Steeds meer wandel- en hondelaars kwamen langs en keken blij en verheugd en het werd een vrolijke drukte van belang.

Ik heb ‘m de verrekkeling!

Na een tip van buurvrouw Liesbeth, die het blauwe ettertje al eerder gezien en gefotografeerd had, is het me dan eindelijk gelukt om de diepe kras op m’n ziel te laten genezen; uitgebreidt gezien en matig op de foto, maar ik kom terug met een andere lens. Ik zit nou nog te trillen.

Oh Nederland

Zo is het tweeëndertig graden
dan weer regent het ouwe wijven
je kunt het dus wel raden
ik wil hier altijd blijven.

Ik ben ontroerd

Nadat in hoog tempo veel bankjes verdwenen, zoals bij de molen en ook de bank waar tijdens een storm een boom dwars doorheen viel, bleven er alleen twee zonder rugleuning over die ook nog eens op een rotplaats stonden. En nu is er zomaar een nieuwe neergezet, mèt rugleuning en ook nog eens op een prima plek: smorgens lekker in de zon en op het heetst van de dag heerlijk koel in de schaduw. Inderdaad bij de eerste bling-bling-brug, dikke tranen van ontroering.