De Hoop op de Walvis

Ik las ooit ergens lang geleden, in een gedrukt boek uiteraard, over een deftig Redershuis ergens in Holland of Zeeland, dat de ‘Hoop op de Walvis’ heette.
Op het internet vind ik nu alleen een restaurant ‘De Hoop op de Swarte Walvis’ dat stamt uit de negentiende eeuw en ligt in de Zaanstreek. Dat bedoel ik dus niet.
Daar moest ik aan denken toen ik gisteren het leefnet van deze ouwe vissende gek zag. Grote genade, een walvis is misschien wat overdreven maar in de Dommel zwemmen geen steuren of meervallen, maar misschien waren zijn ogen groter dan zijn maag.
Die roestige plaat ijzer stelt dus Vincent van Gogh voor die de Genneper watermolen geschilderd heeft… zeggen ze. Die molen zie je hier niet maar ligt links net buiten beeld maar dat weet u onderhand wel.

Ik kwam helemaal opgewonden thuis

M’n roggemeel is op en zo ook het brood dat ik met het laatste restje gebakken heb. Hop naar de molen dus, ja is het maar zo eenvoudig want ik heb een steeds grotere hekel om me onder de mensheid te begeven en het is allemaal zo’n gedoe.
Ik schop mezelf onder de kont en in mijn broek en schoenen, jas aan, portemonnaie, rugzakje en natuurlijk mijn zwarte wollen alpinopetje op. Best lekker weer eigenlijk, het is rustig en alleen bij de roestige plaat ijzer die Vincent van Gogh moet voorstellen zit een ouwe gek te vissen. 
In de molen zelf is behalve de molenaarsvrouw maar één damesmevrouw aanwezig die er niet al te gevaarlijk uitziet. Maar ze moet lachen om mijn grapjes en da’s natuurlijk erg verdacht want dat doet niemand, dus ik blijf op mijn hoede.
Er is roggemeel en ook nog in vijfkilozakken en bovendien is de rogge afkomstig van de Genneper Hoeve vertelt de molenaarsvrouw. Mijn mond valt open van verbazing en zeg: ‘Deze keer niet aan de beesten gevoederd?’ ‘Nee, want nu malen wij hier op de molen’ zegt ze heel trots.
Ondertussen is de molenaar ook binnengekomen en als ik vraag naar grof gemalen rogge spreken we af dat volgende week als hij niet op de grote stenen maalt hij graag met mij een kilo of zo wil malen en dan moet ik maar zeggen hoe grof ik het hebben wil. Zo doet hij het ook met Marokkanen als die om grove tarwe komen.
Kijk dat is nou daadwerkelijk iets aan en voor het milieu doen: rogge uit mijn achtertuin, gemalen in de watermolen om de hoek.
Helemaal opgewonden kom ik thuis, dat snapt u. 

Nou ik er over nadenk

Nee, ik word er niet warm of koud van. Nou eerder koud maar verder doet het me niks. Niet zo als augustus, de meest ellendige onder de maanden of december met de opgeklopte vrolijkheid al of niet in een arrenslee.
In januari is alles weer normaal en word ik oprecht vrolijk van al dat geklaag door lieden die zich in de voorafgaande maand te buiten zijn gegaan aan sloeren en slempen. Maar november…neuh.

Vrije uitloop eieren… nee dank u

Tot voor kort als ik zin had om een eitje te tikken kocht ik bij de heren Alber en Heijn een doosje rondeeleieren. Maar blijkbaar kreeg aldaar een of andere opperknuppel die het voor het zeggen heeft de zelfde associaties bij het woord rondeel als ik en met al dat getooter van nu leek het hem beter om er maar van af te zien — denk ik.
In ieder geval zijn mijn smakelijke bordeeleieren niet meer verkrijgbaar en vervangen door vrije uitloop eieren. Dus die kocht ik dan maar en meteen had je het gedonder in de glazen, of liever in de koelkast. Want één moment van onoplettendheid, even de deur van de koelkast te lang open en hup … de eieren gingen er vandoor. Tot in de voormalige stadskwekerij heb ik ze achterna gezeten.
Vrije uitloop eieren… nee dank u.

Ik zat er weer eens helemaal naast

Ik las de laatste tijd steeds vaker over influencers en moest dan automatisch aan influenza denken. Influenza is een deftig woord voor griep en kan ontaarden in longontsteking ook wel tering genoemd en dus dacht ik dat een influencer een teringlijder was. Dat vond ik eigenlijk wel erg vreemd, want wie zegt er nou van zichzelf als aanbeveling dat ie een teringlijder is? Ik heb als kind ook longontsteking gehad maar daar loop ik toch niet mee te koop.
Ik legde het probleem voor aan Hans die net op staatsbezoek was en hij begon hard te lachen en zei dat het niks met influenza te maken had maar dat het een engels woord was en invloedrijk persoon betekende.
Als een influencer, zei hij, op zijn you tube-kanaal de broek uittrok dan deden alle volgers, variërend van enkele duizenden tot meer dan een miljoen, dat ook.
Oh, zei ik, als ik dus steeds mijn alpinopetje draag op mijn site dan doet iedereen dat. Nee, zei hij toen, want jij bent geen influencer maar een ei. Oh, zei ik.

Toch nog wat kleur

Zie die peppels toch eens proberen om er nog wat van te maken. Want zo als gevreesd is het huilen met de alpinopet op wat betreft de herfstkleuren.
Over pet gesproken, ik kon m’n petje best gebruiken toen ik op weg ging naar de grootgrutter om mijn nieuwe koelkast — het hele interieur knapt er van op — te gaan vullen met het broodnodige. En mijn stevig-gevulde-jas had ik ook aan want het leek wel winter en wat kleurde die mooi bij mijn alpino. De hele wijk fleurde er van op.

Wintertijd

Volgens de deskundigen, echte deskundigen die er voor geleerd hebben en dus geen zelfverklaarde, is het een wereldwonder dat wij allen na zo’n 40 jaar zomertijd nog in leven zijn.  Na al die hart- en vaatziekten, psychische problemen, ritmestoornissen en totaal verscheurde en ontwrichte biologische klokken.
U hebt het allemaal uitentreuren kunnen horen en lezen als u al niet bij voorbaat zacht snikkend had gemompeld: ‘Geef deze drinkbeker maar aan Maarten.’
Afijn, het was lekker koud en het woei gemeen uit het noordoosten. In het tunneltje loeide een straffe wind die dorre blaadjes en beloften van ijzige tijden die zouden komen met zich meevoerde. De palen in de Dommel waren inmiddels opgevuld met rotzooi zodat onze levensader weer kan gaan kronkelen dat het een lieve lust is.
En nu zit ik lekker warm thuis en heb net een brood gebakken en een knotsoefening gedaan zodat de wintertijd voor mij niet meeer kapot kan.

De dag die ik dacht dat zou komen… kwam

Vroeger, toen de alom betreurde en geprezen Wim Kok nog socialistisch voorman van de arbeidersklasse was en diezelfde verworpenen der aarde nog niet verkwanseld had aan de markt door de ideologische veren af te schudden en aandeelhouders te omarmen, toen had ik niks met het begrip sparen. Ik snapte het woord niet eens.
Maar ‘de tijden zullen veranderen’ zoals een recent winnaar van de Nobelprijs voor de literatuur zong maar dan in het Engels en sinds ik een ouwe lul ben en eigenlijk niks meer nodig heb, wist ik niet beter te doen dan overbodig geld op een aparte bankrekening te zetten. En dat heet nou sparen zei Grote Zus en dat is bedoeld voor onvoorziene omstandigheden waarvan je weet dat ze zullen komen maar niet wanneer.
En verdomd, vanmorgen brak er weer een stuk plastic af ergens in het inwendige van mijn tafelmodel koelkast en het hele ding gaf met een zacht gereutel de geest.
Nou heb ik hem al jaren, in feite kan ik me niet eens meer herinneren hoe lang, maar minstens twintig jaar, dus gun ik hem graag de eeuwige vuilnisvelden.
Morgen komen er stoere mannen die een nieuwe koelkast de trap opsjouwen, installeren en de verpakking en mijn ouwe lijk meenemen. Ho gnak.

Zoek de verschillen

Onder de goede inzenders wordt een zo goed als splinternieuw houten been verloot ter waarde van twee dagreizen heen en weer eerste klas.
Aan de uitslag kunnen geen rechten ontleend worden en medewerkers van het reclamebureau zijn uitgesloten van deelname.

Hè hè eindelijk petweer

Nee, geen pet weer, maar weer voor een pet. Mijn niet meer zo nieuwe zwarte wollen alpinopet, waar ik al eindeloos over heb lopen emmeren.
En nu de temperaturen weer de normale waarden hebben voor de tijd van het jaar kan ik die frank en vrij het hoofd bieden middels mijn zwarte wollen alpinopet.
Bofkont!

Nachtbrakers

Ik ben vroeg wakker met een dikhoofd vol onrustige gedachten en binnenschietende nog-te-doens. Dan maar op en met een beker koffie voor het raam in de nacht staren waar ineens de hel losbarst. Panieklichten en bouwlampen van grommende graafmachines en het lawaaierige gesmijt met straatklinkers.
Na drie slokken koffie weet ik op de tast de camera te vinden en maak zo goed en zo kwaad als het gaat een vidiootje. Een kwartier later als de jongens zeker weten dat iedereen wakker is wordt het stil want ze gaan schaften.
Humor voor gevorderden.