Het gaat maar door

De zomer weet van geen wijken in ons kouwe kikkerlandje. Terwijl in de landen om ons heen de auto’s vrolijk door de straten dobberen en oude vrouwtjes op de rug van stoere brandweermannen in veiligheid gebracht worden, schijnt bij ons volop de zon zoals hier achter het stille klooster dat allang geen klooster meer is.
Sterker nog, het is nog steeds blote-voeten-open-deurweer.

Ik maak me zorgen

Freddy Quin ook maar die uitte zijn zorgen zingend en in het Duits en zingen doe ik alleen als ik zeker weet dat er mijlen in de omtrek niemand is die me kan horen.
Maar dit terzijde.
Ik maak me zorgen omdat het niet klopt wat de natuur te voorschijn tovert. Nog nooit is de Robinia zo vroeg geel aan het worden en met blaadjes aan het smijten als nu. En sommige struiken zijn al kaal zonder dat er ook maar een zweem van verkleuring te zien is geweest en dat komt niet door de zwarte-piet-discussie maar door de aanhoudende droogte.
Ik hou m’n hart vast voor als de platanen en eiken aan de beurt zijn.

Echt wat je noemt heerlijk hooiweer

Misschien wel met ruim zevenentwintig graden wat te warm. Maar voor de zonsnakkers onder ons een uitgelezen buitenkansje. Wel ligt er op de stoep een steeds dikker wordend laagje gele blaadjes van de Robinia want die blijven vallen en glinsteren in het zonlicht als stofgoud.

De vrijdagse kringloop

Ik kon gewoon doorlopen want de hekken waren weg en de straat grotendeels bestraat, alleen aan de kant waar met bobbelstenen een soort parkeerhavens werden gecreëerd was nog niet alles klaar.
De herfstkleuren werden nog onder de pet gehouden, want zoals ik al zei de nachten zijn te warm, maar er is nog tijd zat. Even zo vrolijk was het genoegelijk kuieren en de de palen in de meanders waren al geslagen maar van de boomstronken nog geen spoor. Blijkbaar zijn er twee aparte ploegen en terwijl ik dat allemaal stond te bekijken en te kieken kwam er plots een dame in een kano voorbijfietsen.

Het spel is op de wagen

De zeer uitgebreide familie esdoorn heeft er duidelijk zin in en staat al te vlammen in het zonnetje en als de nachten even flink koud willen worden volgt de rest vanzelf.
Wie weet wordt het een prachtig najaar vol schitterende kleuren. Ho gnak.

Iets heel anders waar ik ook erg vrolijk van werd was een bericht dat er in verband met een NAVO oefening 50.000 Engelse militairen waren geland in Rotterdam waaronder de beroemde ‘black rats’. Dan moet je toch wel erg relaxed zijn om je elitetroepen de zwarte ratten te noemen. Dat zie ik een ander leger nog niet doen, bijvoorbeeld de Franse ‘blauwe kakkerlakken’ of de Turkse ‘grijze varkens’. Ho giechel.

Een nazomer vol zon en schijn

Ik had bij de apotheek — alweer? Ja alweer — een voorstel gedaan om mijn bezoeken aan de vierentwintig-op-zevenautomaat tot een minimum te beperken en tot mijn verbazing werd er onmiddellijk instemmend geknikt.
En werkt het, nee dus en zodoende liep ik vanmiddag weer eens vrolijk fluitend door het park naar huis en zag dat de lantarenpalen nog schever stonden en dat her en der verstrooid over het gras lieden zich koesterden in de misschien wel laatste zonnestralen — we zijn ook niet erg verwend natuurlijk de afgelopen zomer.
Net als de dakloze stoepdame gisteren die zich niet alleen voorzien had van een krant maar ook een volle pot thee. Dat vond ik vreemd, want waar bereidt een dakloze een verkwikkende drank of zou ze een complete inventaris meesjouwen in een winkelwagentje? Maar geen spoor daarvan, hoe ik ook speurend rondkeek.
En toen stond ze op, pakte haar boeltje bij elkaar en verdween in een riant hoekhuis met voor- en achtertuin. Nou moe.