Wetenschappelijk onderzoek

Uit recent wetenschappelijk onderzoek blijkt dat uit het ontbreken van de kangoeroe in de Chinese Dierenriem kan worden afgeleid dat de ouwe Oerchinezen nooit in Australië zijn geweest.

Na het opnieuw bestuderen van de data komt een speciale Dierenriemcommissie tot een heel andere conclusie. Namelijk dat de ouwe Oerchinezen wel degelijk in Australië zijn geweest maar dat ten tijde van hun bezoek de kangoeroe nog niet was uitgevonden.

Deze conclusie wordt evenwel bestreden door een derde groep specialisten die na intensieve bestudering van de data met zekerheid kon vaststellen dat de ouwe Oerchinezen zowel in Australië zijn geweest — welhaast meerder keren — als dat zij daar de kangoeroe aantroffen. Maar ook waren de bezoekers zeer onaangenaam getroffen door het, in hun ogen, onesthetisch gespring van dat beest en al bij de eerste confrontatie onmiddellijk met kromme stokken zijn gaan gooien om het dier te doden.

De eindconclusie is dan ook dat de boemerang een Chinese uitvinding is.

Zoveel geluk hoeft nou ook niet

Als er een vogeltje op je raam poept brengt dat geluk, tenminste dat zei ons moeder altijd. Maar in dit geval had het wat minder gemogen want het is het enige raam waar ik niet bij kan. En de huurbaas laat het maar één keer per jaar wassen; da’s genoeg zegt ie. Nou kan ik gelukkig erg goed iets niet zien, dat scheelt.

Afijn, de eerste dag van de zomer begint dus goed en het wordt helemaal krentebol want volgende week als het Grotezusdag is moeten we rekenen op zo’n 35°C — vijfendertig graden op de schaal van Celsius. Lekker toch.

Houdoe en bedankt

Tijdens het koppensnellen van de Volkskrant hedenochtend viel mijn oog op een artikel in de rubriek Wetenschap: ‘De Nederlandse Walvisvaart stopte niet om ecologische maar om economische redenen.’
Lijkt me logisch, want het hele woord ecologisch moest nog worden uitgevonden en een jaar na de alles verwoestende tweede wereldoorlog had het volk honger, echte honger. Er was gebrek aan alles maar vooral aan vetstof en dus werd in allerijl een oud vrachtschip omgebouwd tot walvisjager en omgedoopt in ‘De Willem Barentsz.
Met dertig miljoen wanhopige mensen die kris kras door Europa trokken op zoek naar wat eens hun thuis was, waren begrippen als klimaat en milieu totaal niet aan de orde; overleven was het parool. Mijn schoonvader die in de oorlog door de Duitsers tewerk was gesteld ergens in Silezië kwam na een maanden durende voettocht, waarbij het niet alleen zaak was om aan eten te komen maar vooral uit handen van de Russen te blijven, totaal uitgemergeld eindelijk weer thuis.
En inderdaad, na een paar reizen was de situatie in Europa mede door de Marshal Hulp zodanig verbeterd dat de walvisvaart niet meer loonde en was het houdoe en bedankt tegen de walvissen.
Maar om daar nu in deze welvarende, wat zeg ik… in deze super welvarende tijd als ‘wetenschapper’ een beetje schamper over te doen, tja.

Gelukkig is er Den Bels

Om de vier jaar wordt het wereldkampioenschap voetballen gehouden. Om de vier jaar het Europees kampioenschap hollen, schoppen en gaan liggen met een bal. En om de vier jaar zijn er de olympische spelen. Allemaal in de zomer als de landelijke competitie afgelopen is. Dus slechts één jaar word ik niet geteisterd door opgewonden idioten.
Maar nu hebben de damesmevrouwen dat laatste vrije jaar ingepikt door ook te gaan voetballen en de gekte is tot het kookpunt gestegen. Oranje leeuwinnen heten ze alsof er geen heftige strijd is gevoerd voor genderneutraliteit tot op de plee aan toe.

Maar gelukkig is er Den Bels met de koers… snik. En vandaag won Wout Poels de koninginnenrit in de stromende regen in Frankrijk waar het altijd goed weer is!

Ze hebben er zin in en ik ook

Er viel trouwens wel meer te lachen want om een uur of tien ging de binnenbel: de loodgieter van boven of ik wat zeepsop voor hem had want dat waren ze vergeten. Ja, afwasmiddel was ook goed en een emmer hadden ze zelf wel. Natuurlijk had ik dat.
Na een uurtje werd het stil boven en toen ik nog later eens naar buiten keek was het busje van de loodgieter verdwenen… mèt mijn afwasmiddel.
En gelachen dat we hebben.

Lief en leed in de hangende moestuin

Het lijkt het echte leven wel daar op mijn balkon, gisteren moest ik smartelijk afscheid nemen van de bieten want de krengen verrekten het om te groeien en de blaadjes vertoonden lelijke zweren en schurft. Dus weg ermee, naar de eeuwige vuilnisvelden.
En vandaag konen mijn snijbonen, die ik tegen alle regels van Jelle in, niet voorgezaaid maar de bonen rechtstreeks in mijn MMMini had gestopt en op de vensterbank liefdevol opgekweekt naar buiten. Potverdrie wat stonden ze er mooi bij en meteen op de goeie plaats. Bovendien heb ik wederom zonder van de trap te lazeren het klimrek opgehangen waarlangs de rakkers naar hartelust de weg omhoog kunnen groeien.
Van de slaai en radijs was het goed proeven.
Ik moest gewoon even gaan leggen.

Periodiek onderhoud

Vorig jaar tijdens de grote beurt trof ik niet mijn eigen oogarts maar een enthousiaste jongeling die het absoluut nodig vond dat mijn gezichtsveld nog eens netjes in kaart werd gebracht. Mijn tegenwerping dat er onmogelijk iets veranderd kon zijn en dat dit mij erg deed denken aan het ringen van vogels: het helpt geen pest tegen het uitsterven maar het is zo leuk voor de wetenschap, kon hem niet overtuigen en dus, nou vooruit, zucht, als het moet dan moet het maar.
Afgelopen maandag was het zover en manmoedig sloeg ik me door het vervelende gedoe heen. Gisteren was het normale periodieke onderhoud en dat begint met het opmeten van de ogen. Een voor mij onbekende man — normaal zijn het altijd aardige zachthandige dames — jaste meteen beide ogen vol druppels en schoof de bekende apparatuur heen en weer waar ik door heen moest loeren en zeggen welke letters ik zag: geen dus. Dit weerhield hem er niet van om nog meer gif te druppelen en toen nam een mevrouw het over en die wilde foto’s maken. Dat was nieuw en op de tast volgde ik haar naar een donker hol waar ik werd klem gezet voor een eng ding dat zoemde , klikte en reutelde en felle rode lichtflitsen door mijn schedel schoot.
Eenmaal binnen bij mijn eigen oogarts bleek dat hij dat hele meten van het gezichtsveld maar onzin vond en over die foto’s gromde hij maar wat. Natuurlijk controleerde hij ook nog even de oogdruk en hopla daar gingen weer een par druppels.
Afijn, ik heb weer zwaar nastaar en eind juli moet ik onder het laserkanon; zucht. Gelukkig dacht ik omdat de zon volop scheen op tijd aan een zonnebril en na lang zoeken vond ik er een, dus kon ik toen ik buiten kwam als een blinde zonder hond de bus vinden en bij de goeie halte uitstappen.

Abortus non provocatus

Nee zeg stel je voor zo’n lief klein radijsje. Het ging echt per ongeluk toen ik aan het wieden was. Nou ja, met de hand wat onkruidjes wegplukken tussen de radijzen en toen greep ik mis.
Ja maandag en woensdag moet ik naar de oogarts want het is zoals u ziet wel tijd dat die ingrijpt. Van de week toen ik een vervelend wenkbrouwhaartje wilde weghalen knipte ik in mijn ooglid in plaats van in dat rothaartje. Dat deed gemeen zeer nondecato maar ik hield me groot en heb slachtofferhulp niet gebeld.

Overigens heb ik dat radijsje in wording wel opgevreten en het smaakte heerlijk, helemaal al naar … radijs.

Ik sta hier mooi voor lul

Persoonlijk als plee want de busjesmannen waar ik voor bedoeld ben zijn in geen lanen of dreven te bekennen. Om een uur of elf kwamen ze weliswaar even de nieuwe top tien vaderlandse smartherrie ten gehore brengen en keihard ook, maar na een uurtje was het weer eenzaam stil en verlaten.
Niet echt erg trouwens.